
Wijk bij Duurstede, 28 januari 2012. De winkeliersvereniging heeft grootse plannen met de Peperstraat. Even voor de duidelijkheid: de Peperstraat is die uitgestorven spookstraat waar je snel doorheen fietst op weg naar een andere bestemming. Er zijn maanden dat ik er niet kom. Typisch zo’n straat waar je op koninginnedag een keer doorheen slentert, om daarna snel de gezelligheid weer op te zoeken. Vooral voorbij de snackbar wordt het opeens zo’n donkere steeg waar ik mijn kinderen in ieder geval niet zelfstandig doorheen zou sturen.
Maar daar lijkt nu verandering in te gaan komen, want er liggen ambitieuze plannen op tafel. De Wijkse ondernemers hebben de koppen bij elkaar gestoken en daar is een behoorlijk baanbrekend conceptje uitgekomen. Let wel, dit zijn dezelfde mensen die beginnen te piepen als er een oliebollenkraam binnen een straal van een kilometer van hun winkel wordt geplaatst. Het hele begrip concurrentie vinden ze doodeng. Deze helden hebben nu dus bedacht dat de Peperstraat een overdekte winkelpassage moet worden. Ik heb het nieuwsbericht in ’t Groentje een paar keer doorgelezen, want ik had sterk het gevoel dat ik in de maling werd genomen. Ik zag Frans Bauer al op een hijskraan zitten om, gadegeslagen door verbijsterde voorbijgangers en verborgen camera’s, die overkapping tergend langzaam omlaag te laten zakken. Maar ik ben bang dat ze het menen. En hoe.
Vergis je niet, er is goed over nagedacht door deze grote geesten. Uit onderzoek is gebleken dat zo’n overkapping kan leiden tot een verveelvoudiging van het aantal winkelende klanten. En in Houten en Veenendaal is het ook best een succes. Tsja, daarmee is eigenlijk alles al gezegd. Als dat je enige argumenten zijn om de binnenstad te gaan verminken, dan verdien je het niet om serieus te worden genomen. Ze noemen het zelf een revolutionair plan. Ik noem het krankzinnig. Ik weet niet wat er doorgaans geschonken wordt op de vergaderingen van die club, maar ik vermoed dat er op deze bewuste bijeenkomst ook nog behoorlijk wat geestverruimende middelen genuttigd zijn. Dan kunnen die middenstanders nog zo hard roepen dat het wel een “volledig transparante overkapping” wordt die “past bij het historische karakter van de binnenstad”, maar dat vind ik nou niet echt geruststellend klinken. Een mooie, authentiek middeleeuwse aluminium kap, is dat wat ze bedoelen? Er moet ruim drie ton voor worden uitgetrokken. Nou ben ik bouwkundig niet zo onderlegd, maar voor zo’n bedrag zie ik nog geen Hoog Catharijne verrijzen. Het klinkt meer als heel veel lekkages en slecht afgewerkte hoekjes. Ook dat nog. Het plan is nu nog in de verkennende fase. Ik stel voor dat het daar lekker blijft. Dan hoeft er verder niet te worden vergaderd over “prettige achtergrondmuziek” en “sfeervolle verlichting”.
Alsof ze zelf nu al nattigheid voelen, nodigen de winkeliers iedereen uit om mee te denken. Geen probleem. Meedenken kan altijd, ik ben de beroerdste niet. Maar dan gaan we het dus wel even wat groter aanpakken. Die ruïne in het bos bijvoorbeeld, kunnen we daar geen appartementencomplex neerzetten? Uiteraard zonder het historische karakter van die plek uit het oog te verliezen. Dat spreekt voor zich. Of een middelgroot vliegveld bij het industrieterrein? Is dat wat? Uit onderzoek is namelijk gebleken dat dat de nodige economische bedrijvigheid en werkgelegenheid met zich meebrengt. Om van het toerisme nog maar te zwijgen. Terwijl u dit leest worden mijn plannen uitgewerkt door een gerenommeerd architectenbureau. Daar hangt natuurlijk wel een prijskaartje aan, maar daar komen we wel uit. De provincie heeft vast nog wel een potje. En anders zal ik de gemaakte kosten te zijner tijd declareren bij Hart van Wijk. Maar zover is het nog niet. Ik zit nu nog in de verkennende fase.
Janus



